“Komt u maar mee,” zegt ze. “Ik stel u voor aan de anderen.”
Elegant draait ze zich om en ik zie hoe haar lange donkere haren, met elke stap die ze doet, vrolijk van links naar rechts over haar schouders meedeinen. Ik herken het tikken van de hakjes. Het eerste contact ging goed, zeg ik in mezelf.
In de wetenschap dat ze me niet kan zien sta ik mezelf toe om, ietwat brutaal, haar vormen in me op te nemen. Mijn ogen strelen haar lichaam en gaan van haar golvende haren naar haar rug, haar middel, haar billen en de van links naar rechts bewegende heupen. Dat alles wordt door haar kleding gedeeltelijk aan mijn oog onttrokken, maar ik heb genoeg fantasie om me het verborgene te kunnen voorstellen. Ik ben pas verzadigd als ik ben aangekomen bij de in zwarte pumps gestoken, iets te kleine voetjes die gracieus en elegant zijn, maar toch stevig ogen.
“God, laat dit moment nog even duren.”
Pardoes houdt het tikken op en Sofia gaat linksaf een kamer in. Hierdoor ontwaak ik uit mijn minder verheven gedachten, die in schril contrast staan tot de uiterlijke gewilligheid van mijn volgen. In de kamer aangekomen zie ik dat er nóg twee vrouwen aanwezig zijn die in ouderwetse fauteuils zitten. De jongste van de twee staat op en komt me tegemoet. Haastig neem ik haar hand aan en stel me voor.
“Herman Gotlieb.”
“Eva Goud,” zegt ze, waarbij er een verlegen glimlach verschijnt.
Wanneer ik haar blik probeer te vangen slaat ze haar ogen schuchter neer.
De andere vrouw is een al wat oudere dame die met moeite uit haar stoel omhoog komt. Als ik aanstalten maak om haar te helpen, wuift ze me met een handbeweging weg.
Met krakende stem zegt ze: “Meneer Gotlieb, u bent precies op tijd voor de thee. Ik ben Godelina Mater.”
Terwijl ze dit uitspreekt, wijst ze naar de fauteuil die het dichtst bij haar staat, klaarblijkelijk ten teken dat ik daar moet gaan zitten. Zenuwachtig kijk ik van de een naar de ander en doe een stap in de richting van de aangewezen stoel. Pas als iedereen zit, neem ook ik plaats en zak diep weg in het pluche van de zitting.
Het doet me denken aan de bezoekjes bij oma, toen ik negen jaar oud was. Ook daar waren de stoelen té groot en zakte ik té ver weg in de fluwelen bekleding. Het was toen fijn om in mijn pyjama, met gewassen haren, vlak voor het naar bed gaan nog een kopje choco van oma te krijgen. Oma wist wel wat jongens van negen jaar wilden. Overdag ravotten en de wolf zoeken, van wie oma zeker wist dat hij gezien was in het bos achter het huis. ‘s Avonds voelde ik de liefdevolle koestering van oma’s zachte gerimpelde handen over mijn kort geknipte haren. Ze vertelde verhaaltjes van vroeger die, bij nader inzien en vele jaren later, ongekende wijsheden bleken te bevatten. Na de chocolademelk was het bedtijd en zorgden haar verhalen en mijn avonturen voor bijzondere dromen.
Verward schrik ik op als ik de ogen van Sofia zie en merk dat ze me vragend aankijkt. “Gebruikt u suiker, meneer Gotlieb?”
“Eh, ja, ja,” zeg ik beduusd en zie hoe ze de suiker in de gebloemde theekopjes doet en die vervolgens met thee vult. Elke beweging van haar is een mengeling van gratie en doelbewustheid. Iets te gretig schiet ik naar voren als ze me als eerste een vol kopje aanbiedt. De glimlach om haar mond is nog steeds onverstoorbaar aanwezig als ik het van haar aanpak. Daarbij kijkt ze me recht in mijn ogen. Niet brutaal, niet uitdagend of dominant. Nee, niets van dit alles. Het lijkt eerder alsof ze dwars door me heen kan kijken, mijn ziel kan zien en weet wie ik ben.
Verlegen sla ik mijn ogen neer en concentreer me op het lepeltje dat op het schoteltje ligt en waarmee ik ga roeren. De stilte wordt verbroken als Godelina het woord neemt.
“Zoals u ziet zijn we nu met zijn vieren, maar we zouden eigenlijk met zijn zessen moeten zijn. Lilith is zoals gewoonlijk te laat. U zult haar zo dadelijk ontmoeten en Cora kan elk moment binnenkomen.”
Ik weet niet goed hoe ik moet reageren en knik slechts, terwijl ik mijn tanden in het zojuist uit een blikken trommeltje genomen roomboterkoekje zet. Op de achtergrond hoor ik hoe Eva en Godelina met elkaar bespreken hoe het komt dat Lilith verlaat is. Dat geeft mij wat tijd om de kamer beter in me op te nemen.
Het is een ruim vertrek met verschillende zitjes en met aan het eind van de kamer een eettafel met zes stoelen. Op het eerste gezicht was het een toonbeeld van weelde, maar nu ik iets beter om me heen kijk, is duidelijk te zien dat het vergane glorie is. Hier en daar hangt of staat een langzamerhand tot antiek te rekenen kunststuk. Het geheel straalt een bijzondere sfeer uit, die niet in de laatste plaats door de dames teweeg wordt gebracht. Weggedoken in de fauteuil, met mijn kopje in de ene hand en het deels afgeknabbelde koekje in de andere en op de achtergrond het zachte gebabbel van Godelina en Eva, zou ik het bijna gezellig kunnen noemen. Nog geen vijftien minuten geleden werd ik aan de dames voorgesteld en nu al voel ik me redelijk op mijn gemak. De aanwezigheid van de vrouwen geeft het huis een rustige maar toch levendige sfeer.